verhaal 138: Winterstop

Nadeel van fietsen in de winter is: het is te kil en koud om buiten te pauzeren, opwarmen doe je binnen. De horeca valt vaak tegen, de barista komt niet verder dan een half bakkie lauwe koffie en verder is er niet veel te beleven. Daarnaast is het afwachten of de plee schoon genoeg is, regelmatig heeft een dronkenlap al in de hoek staan pissen. De gender neutrale toilet vol met remsporen (m/v).

Maar met de museum jaarkaart kom je een eind. Altijd een brandschone wc en voldoende afleiding. Het Drents museum, precies halverwege, is een favoriete stop.

Nu is er de tentoonstelling over Frida Kahlo, een Mexicaanse kunstenares. Eerder nooit van gehoord, maar als je de recensies moet geloven past zij in het rijtje Rembrandt, Van Gogh en Picasso. Er worden vermogens neergeteld voor een creatie van haar.


Druk was het met andere kaarthouders, maar de muziek bracht mij naar een vergeten verhaal uit het verleden.

Op mijn eerste trip ver weg, diep in de vorige eeuw, was bier al mijn lievelingsdrank. Op het Zocalo in Mexico City een pilsje. Een lief aardig klein jochie met gitaar vroeg ons of hij wat mocht spelen. Als rijke gringo kan je natuurlijk wel een peso missen, we knikten. Meteen floot het schoffie tussen zijn tanden, voordat we het wisten stond een voltallig Mariachi orkest te spelen. U begrijpt...een peso was onvoldoende om deze aubade te belonen.

Ode aan de bieb

Een andere winterse pauze plek met kraakhelder toilet is de bibliotheek, een onvolprezen goed in ons welvarend land. In iedere bieb is altijd wel wat te beleven, in 020 klim je tussen boeken, theaterzalen en koffiebarretjes naar boven en kan je uitkijken over het IJ.

In Utrecht, op het Neude, een prachtgebouw, even naar binnenlopen de boeken zijn bijzaak.

Het Forum in Groningen is ook een aanrader, op iedere verdieping kunstzinnig meubilair waarin studenten hangen, die meer aandacht hebben voor de telefoon dan de aanwezige boeken. Echter boven een prachtig uitzicht over Stad en Ommelanden.


Verreweg het vaakst echter een winterstop in de bieb van Hoogeveen. Veelal moet je dan eerst langs een strenge akela, die je het liefst meteen wegstuurt. Begrijpelijk bij een raar uitgedoste fietser met de schapenstront van het Mantingerzand aan zijn broek, die meteen naar de plee verdwijnt.

Maar, eenmaal aan haar voorbij, ligt de wereld aan je voeten. Eerst een leuke tentoonstelling over Hoogeveen van vroeger tot nu. Dan naar de leestafel, alle kranten doorbladeren en vervolgens de vele tijdschriften.

¨Fiets¨ bijvoorbeeld met jaloers makende verhalen over andere fietsers die ver weg toeren langs onbegaanbare paden en vreemde volken. Zeker op de fiets kom je dichtbij de kern van een andere wereld. Toch zijn deze avonturiers slechts voorbijgangers.

De herhaling zorgt er pas voor dat je ergens ¨thuishoort¨. Terugfietsen over de Drentse wegen, lange rijen eiken aaneengesloten langs wegen en paden. Vaak de zuidwestenwind in de rug, het avondeten in de fietstas, peddelen langs de Middenraai….in de verte het blauwe bord Witteveen.