verhaal 73) Herinneringen

Jeugdherinneringen.. .De dorpshuiskamer van De Tille zat vol voor de verhalen over Witteveen in de vorige eeuw. De teloorgang (wat een mooi ouderwets woord) van de middenstand kwam aan de orde. Veldwachter Westerhuis waakte die tijd over de Rodo’s. Ook andere markante inwoners uit vroeger tijden werden beschreven en natuurlijk de schoolvriendinnetjes en vriendjes van de lagere school. Maar de kalverliefde bleef onbesproken...Ina had waarschijnlijk geen Joep in de klas...

Joep, in de grote stad, op een andere school maar in ongeveer dezelfde tijd, had echter wel een Ina in de klas. Ina de Vries vroegrijp… het mooiste meisje van de klas. Smoorverliefd was de ietwat vadsige zoon van de bakker...zij echter had alleen oog voor de puddingbroodjes die hij aanreikte. Zij liep al snel met een andere jongen, die al op de middelbare school zat...

Toch niet te lang blijven hangen in de vorige eeuw, ook in deze derde helft van het leven liggen nog mooie herinneringen in het verschiet.

De invasie van 2019 bijvoorbeeld zal mij lang bijblijven. Niet zo groots al Hannibal, die lang geleden met olifanten het Romeinse rijk aanviel….ook niet zo spannend als de bekendste invasie...D-day 1945…..

Als een groter aantal vogels uit de bocht vliegt en fladdert op een ongewone plek noemt men dit óók een invasie. Welnu, in mijn eigen tuin waren de afgelopen weken plots witkop staartmezen te zien een zeldzaamheid.

Eerder beschreef ik hoe schattig de gewone staartmees is(verhaal 22). Echter de witkop is de overtreffende trap van schattigheid. Net als de gewone staartmees een klein lijf met een lange staart, maar daar bovenop zit een klein sneeuwballetje met pretoogjes. Als die muppets dan over elkaar tuimelen om bij het mezenbolletje te komen, maakt dit vertederende sneeuwbalgevecht mij vrolijk.

Ons Eibernest (vervolg)

Het leuke van de vogelverhalen is dat de herinneringen worden vastgelegd. In het voorjaar van 2016 kwamen 2 ooievaars de verhalen binnengevlogen. Zij waren, zo dacht ik, bezig met een kansloze poging een nest de bouwen in een wiebelende boomtop (verhaal 4). Het was de enige keer deze eeuw dat ik verkeerd zat, want er kwam een prachtig nest en 2 jonge eibers vlogen uit.


De volgende jaren was er steeds weer iets te vertellen...de vrouw kwam te laat van de trek terug ….de ooievaars werden filmsterren (Verhaal 27 en 28). Vorig jaar was het lang koud wat bijna tot een relatiebreuk leidde (Verhaal 49). Het kwam allemaal goed, er vlogen zelfs drie jongen uit….Nu eind februari is de eerste ooievaar alweer terug op het nest. Uitgeput van de lange vliegreis lag de grote vogel voor pampus in zijn mandje, de zware snavel leunend over de rand van het nest. De wederhelft is nog niet gezien..maar eten is er al. Niet alleen zag ik liefst 5 citroenvlinders vliegen, maar ook een kikker of pad hupte op een mooie hele vroege lentedag in februari, midden op het fietspad. Zo vroeg al de kriebels….een lente om niet snel te vergeten.